Presidenten van Amerika: William Howard Taft

William Howard Taft

Geboren: 15 september 1857
President: 4 maart 1909 - 4 maart 1913
Overleden: 8 maart 1930

William Howard Taft was de 27e president van de Verenigde Staten, van 1909 tot 1913. Als beschermeling van de voorgaande president Theodore Roosevelt won hij de presidentsverkiezingen met gemak, maar tijdens zijn eerste termijn keerden veel van zijn Republikeinse partijgenoten zich tegen hem. Taft was namelijk een bekwame bureaucraat, maar had niet het politieke instinct dat nodig was voor het presidentschap. Zijn presidentschap leidde uiteindelijk tot een definitieve breuk binnen de Republikeinse partij.

Voor presidentschap

William Taft wordt geboren op 15 september 1857 in Cincinnati, Ohio. Hij komt uit een politiek zeer invloedrijke familie. In Williams jongvolwassen jaren is zijn vader minister van oorlogszaken en ‘ attorney general’ onder president Grant. Ook William wil het juridische pad op en gaat rechten studeren, maar al snel voelt hij zich aangetrokken tot de politieke idealen van de Republikeinse partij. Toch wordt hij eerst rechter in Ohio, om vervolgen bij de federale rechtbank te belanden. Die aantrekkingskracht tot de rechterlijke macht zal hij altijd behouden en als zijn ware roeping blijven zien. Taft heeft namelijk niet alleen weinig gevoel voor politiek; later zou hij bekennen dat het hem evenmin plezier gaf.

Plichtsbesef

William Taft als jongemanTafts politieke carrière begint in 1900, als president William McKinley hem aanwijst als voorzitter van de Second Philippine Commission, die de stichting van een Filipijnse overheid moet realiseren nadat de eilandengroep tijdens de Spaans-Amerikaanse oorlog in Amerikaanse handen is gevallen. Taft accepteert de verantwoordelijkheid met tegenzin, maar in zijn rol als eerste gouverneur van de Filippijnen toont hij zich een groot bestuurlijk talent.

Het blijft Tafts ultieme doel om deel te worden van de Supreme Court: het hoogste Amerikaanse gerechtsorgaan. Tekenend voor zijn karakter is echter dat hij die droombaan afwijst als deze hem in 1903 wordt aangeboden. Hij concludeert dat de Filipijnse staat nog niet klaar is voor zelfbeschikking en dat zijn karwei dus nog niet af is. Zijn overtuigde plichtsbesef maakt hem een toegewijd bestuurder, maar als politiek leider zou het hem later danig in de weg gaan zitten.

William Taft met zijn familieTaft is inmiddels zeer geliefd onder de eilandbevolking en ook de volgende president Roosevelt houdt hem daarom in het oog. In 1904 benoemt hij Taft tot Minister van Oorlogszaken. Zo begint niet alleen zijn carriere in de Amerikaanse landelijke politiek; het is tevens het begin van een goede vriendschap tussen Taft en Roosevelt. Hoewel de twee van totaal verschillend karakter zijn, beschouwt Roosevelt zijn minister als grootste vertrouweling. Dat vertrouwen komt Taft goed van pas als Roosevelt in 1908 niet geïnteresseerd is in een nieuwe presidentstermijn. De Republikeinen zijn op dat moment namelijk hevig verdeeld tussen een progressieve en conservatieve zijde. Roosevelt was met zijn progressieve koers leider van deze beweging. Nu hij zijn volledige steun betuigde aan de kandidatuur van Taft, zagen veel van zijn volgelingen in de hem de rechtmatige opvolger.

Tijdens presidentschap

Politieke intuïtie

De verkiezingen wint Taft met glans. Toch is hij zelf weinig enthousiast over het vooruitzicht president te worden. Taft zou het meer hebben gedaan uit plichtsbesef en onder druk van Roosevelt dan uit persoonlijke overtuiging. Een groot succes is zijn presidentschap dan ook niet te noemen. De temperamentvolle Roosevelt had een charisma dat de bedeesde en terughoudende Taft moet missen. Erger is een groot gebrek aan politiek instinct. Al direct in het begin van zijn termijn schoffeert hij zijn progressief-Republikeinse achterban, die geen enkele vertegenwoordiger in het kabinet van Taft zien eindigen. Het is niet de enige beslissing waarin Taft geen enkele rekening lijkt te houden met de koers die zijn aanhangers van hem verwachten. De president was een pragmatische bureaucraat die zeer oplossingsgericht te werk ging, maar weinig intuïtief had om de politieke gevoeligheden van zijn resultaten te kunnen inschatten. Taft is bijvoorbeeld zeer tevreden als hij in 1909 het Payne-Aldrich Tariff ondertekent, dat tot immense invoerrechten voor import leidt, terwijl de progressieven die juist wilden verlagen.

William Taft met voorganger Teddy RooseveltEen ander voorbeeld is zijn buitenlandse beleid inzake Latijns-Amerika. Taft was altijd een uitgesproken tegenstander van kartelvorming en de macht van het grootkapitaal. Met zijn voogestelde plannen zou hij de economische ontwikkeling in het gebied flink stimuleren en de Amerikaanse invloed op het gebied verstevigen ten opzichte van Europese concurrenten. De keerzijde was echter dat Amerikaanse bedrijven immens zouden profiteren van Tafts beleid. Hoewel hij het algemeen belang van de Amerikaanse staten dus prima wist te behartigen, wordt het een politieke mislukking in de ogen van zijn achterban.

Onbedoeld beweegt Taft zich steeds meer richting de conservatieve fractie van zijn partij, in de hoop alsnog steun te halen voor zijn plannen. Dezelfde politieke onverschilligheid toont hij in de benoeming van verschillende sleutelfiguren, waarbij hij meer let op ervaring en talent dan politieke oriëntatie. Zo stelt hij bekwame, maar erg controversiële personen aan voor belangrijke functies, met als resultaat dat de macht van de gehate monopolybedrijven alleen maar dieper doordringt in de politiek. Ook zijn omgang met de pers is problematisch. Voorganger Roosevelt was een charismatisch persoon, die verkondigde dat een president alles moest doen wat wettelijk mogelijk was om het land vooruit te helpen. Taft is echter een man van de wet, die het recht als het ware gezag van de VS ziet. De president was slechts een persoon die door deze wet bepaalde verantwoordelijkheden had gekregen, die zo goed mogelijk moest uitvoeren en daarin vooral niet buiten de kaders moest treden. Ook het bouwen van een imago, zoals interviews met de pers of uitgebreide fotosessies, zijn aan deze regent dan ook niet besteed.

Definitieve breuk

Niettemin zijn er vele progressieve idealen die Taft na Roosevelt blijft nastreven. Net als zijn vriend en voorganger is Taft een fanatiek tegenstander van te grote bedrijfsconglomeraties en spant hij zich in voor het behoud van natuurgebieden. De druppel komt echter met Tafts besluit om Gifford Pinchot te ontslaan, die als hoofd van het federaal bosbeheer niet alleen een fanatiek voorstander van natuurbehoud is, maar ook een persoonlijke vriend van Roosevelt. De progressieven hebben genoeg van hun president, en roepen Roosevelt op om publiekelijk afstand te nemen van zijn voormalige beschermeling. Dat weigert de voormalig president aanvankelijk, maar rond 1912 is het duidelijk dat de onderlinge vriendschap danig was bekoeld. De twee komen zelfs tegenover elkaar te staan als Roosevelt zich opnieuw beschikbaar stelt als Republikeins presidentskandidaat.

De daarop volgende campagne tussen beide genomineerden wordt gekenmerkt door laster tussen de voormalige vrienden. Het is echter duidelijk dat Roosevelt veruit de meeste populariteit geniet. Omdat Taft echter alle touwtjes in handen heeft als president, komt hij als winnaar uit de Republikeinse conventie. Omdat dit tot grote onvrede leidt in de progressieve vleugel, veroorzaakt Taft met zijn overwinning de definitieve breuk in zijn partij. Progressieve Roosevelt-aanhangers scheiden zich af van hun voormalige partij en verenigen zich in de zogenaamde Bull Moose Party.

Na presidentschap

De breuk betekent het einde van de heerschappij van de Republikeinen. De Democraat Woodrow Wilson wint de verkiezingen van 1913, met Roosevelt als verre tweede. Taft zet een record als meest impopulaire kandidaat die voor een tweede termijn wil gaan, met slechts twee staten waarin hij een meerderheid van de stemmen bemachtigt. Het is echter de vraag of Taft daar wakker van heeft gelegen. Als president verklaarde hij regelmatig dat politiek hem misselijk maakt. De gooi naar het presidentschap zou vooral zijn ingegeven door zijn vrouw, Helen Herron Taft, en andere familieleden die hem liever als president zagen eindigen dan bij een functie in de Supreme Court.

Nanci Pelosi over de politieke erfenis van William TaftNa zijn vertrek als president keert Taft terug naar de rechterlijke zijde, eerst als professor aan zijn oude universiteit van Yale. Hij blijft echter ook politiek actief, bijvoorbeeld als lid van de National War Labor Board tijdens de Eerste Wereldoorlog. Vanaf 1921 krijgt hij eindelijk zijn droombaan als president Harding hem benoemt tot ‘Chief Justice’ van de VS: de hoogste rechterlijke functie. Hier is Taft inderdaad beter in zijn element, getuige de vele successen die hij boekt in het efficiënter maken van de Supreme Court. Taft zou de functie vervullen tot 1930, wanneer hij door hartaandoeningen gedwongen wordt zijn werk neer te leggen. Niet meer dan een maand later, op 3 februari 1930, komt hij te overlijden. Hij zou herinnerd worden als een zeer bekwame man, die met zijn presidentschap echter op de verkeerde plaats was beland.