Presidenten
van Amerika: William Henry Harrison

| Geboren: |
9 februari 1773 |
| President: |
4 maart 1841 - 4 april 1841 |
| Overleden: |
4 april 1841 |
De negende president van de Verenigde Staten is vooral bekend vanwege zijn ongunstige lot. William Henry Harrison was de eerste president die tijdens zijn ambtsperiode stierf. Slechtst 31 dagen nadat hij als president beëdigd was, overleed hij aan de gevolgen van een longontsteking.
Voor presidentschap
Vroege leven
William Henry werd als jongste kind in het gezin van Benjamin Harrison en Elizabeth Basset geboren. Zijn familie, die bestond uit vooraanstaande politici, woonde op een grote plantage in Virginia. Williams vader was onder andere gouverneur van Virginia en lid van het continentale congres. De jonge William werd geboren in een roerige tijd waarin de Britse dominantie langzaam aan het afbrokkelen was.
Toen William veertien werd, begon hij een opleiding aan de prestigieuze Presbyteriaanse school in Hampden. Hierna studeerde hij aan een academie in Southampton, waar hij in aanraking kwam met antislavernij-sentimenten van de methodisten en de Quakers. Deze ontwikkeling wekte de woede op van zijn vader, die William naar Philadelphia stuurde. Hier ging William medicijnen studeren, een studie die hij vervolgde op de universiteit van Pennsylvania. Toen zijn vader in 1791 overleed, had Harrison geen geld meer om te studeren, waardoor hij in de leer kwam bij Robert Morris in Philadelphia.
William Harrison als militair
Zijn armoedige levensstijl werd korte tijd later bekend bij de toenmalige gouverneur van Virginia, een vriend van William’s vader. Dankzij hem kwam Harrison in het leger terecht. William werd naar Cincinnati, waar hij diende in de zogenaamde Noordwest Indiaanse oorlog. In 1792 promoveerde hij tot luitenant en een jaar later tot hoofd van het kamp. Zijn mentor in deze periode was generaal Wayne. Via hem leerde Harrison hoe je een leger moet leiden en samen boekten ze de beslissende zege in de oorlog in 1784.
William trouwde in november met Anna Symmes 1795, de dochter van een belangrijke figuur in Ohio. Aangezien Anna’s vader het huwelijk verbood, trouwde William in het geheim met Anna. Samen zouden ze maar liefst tien kinderen krijgen, van wie negen een volwassen leeftijd bereikten.
Politieke leven
Nadat Harrison in 1797 het leger vaarwel had gezegd, ging hij de politiek in. Zijn eerste geambieerde positie was die in de overheid van het Northwest Territory. Hij werd gekozen tot secretaris van de gouverneur en nam vaak diens positie in bij afwezigheid.
De carrière van William nam in de jaren daarna een enorme vlucht. Zijn paardenfokbedrijf en invloedrijke vrienden zorgden ervoor dat hij een leidend figuur in de regio werd. Zijn mening dat land goedkoper moest worden, werd door velen gedeeld en nadat hij zich kandidaat had gesteld voor het nationale congres werd dit een van zijn belangrijkste agendapunten. In 1799 werd hij gekozen als eerste afgevaardigde voor de Northwest Territory. Deze functie zou hij iets meer dan een jaar bekleden, waarin hij enkele belangrijke wetten doorvoerde. De bekendste wet was de zogenaamde Harrison Land Act, waardoor het gemakkelijker werd om te migreren naar het Northwest Territory. Belangrijk hierin was de lage grondprijs en de aanwezigheid van kleinere stukken land, waardoor ook armere mensen een nieuwe woonplek konden bemachtigen.
Naast deze wet werd ook ingestemd het gebied op te splitsen in Ohio en Indiana. Na de instelling van deze twee regio’s werd William door de toenmalige president John Adams zonder zijn medeweten naar voren geschoven als gouverneur voor Indiana Territory. De volgende dag werd Harrison al geïnstalleerd. Zodoende werd hij de bestuurder van Indiana Territory, een regio die de huidige staten Illinois, Michigan, Wisconsin, Indiana en een stuk van Minnesota omvatte. Harrison verhuisde naar Vincennes, de nieuwe hoofdstad van Indiana. Hier bouwde hij een groot huis op een plantage, die het middelpunt werd van het sociale en politieke leven in de regio.
Als gouverneur had Harrison verregaande macht. Zo mocht hij alle ambtenaren benoemen, wetten doorvoeren en het gebied in regio’s delen. Belangrijk hierin was het verkrijgen van grond van indianenstammen om de immigratie van Europees-Amerikaanse kolonisten te bevorderen. Groei van de bevolking was immers noodzakelijk om Indiana Territory de status van staat te laten verkrijgen.
Nadat hij van president Jefferson in 1803 de volmacht had gekregen om te onderhandelen met indianen ging Harrison op pad. In totaal sloot Harrison dertien verdragen, waarmee hij ruim 240.000 vierkante kilometer aan grond opkocht. Hoewel hij afspraken maakte met de leiders van onder andere de Sauk en de Meskwaki, was een groot deel van deze bevolking het niet eens met de besluiten van hun leiders. Dit leidde tot grote spanningen aan de grenzen.
Ook wou Harrison in 1803 een wet doorvoeren die het houden van slaven mogelijk maakte. Hij stelde dat deze vorm van mensenhandel noodzakelijk was, zowel voor de economie als de aantrekkingskracht op toekomstige kolonisten. President Thomas Jefferson had echter in het geheim afspraken gemaakt om de pro-slavernijbeweging de kop in te drukken. Samen met James Lemen, een slavenhouder die een eind wou maken aan de slavernij, werd een anti-slavernijbeweging opgericht in Indiana. Als gevolg hiervan werd het wetsvoorstel van Harrison niet aangenomen.
Ook wilde Harrison in 1803 een wet doorvoeren die het houden van
slaven mogelijk maakte. Hij stelde dat deze vorm van mensenhandel
noodzakelijk was. Zowel voor de economie als de aantrekkingskracht
op toekomstige kolonisten. De schrijver van de belangrijkste wetten,
Thomas Jefferson, had echter in het geheim afspraken gemaakt om
de pro slavernij beweging te verslaan.Samen met James Lemen, een
slavenhouder die een eind wilde maken aan de slavernij, werd een
anti slavernij club opgericht in Indiana en Harrison zijn wetsvoorstel
werd niet aangenomen.
Ondertussen groeiden de spanningen met de indianenstammen. De groei van de Verenigde Staten betekende een krimp van het gebied van de indianen, die in opstand kwamen. Twee broers van de Shawnee-stam leidden het verzet. In 1810 ontmoetten zij Harrison en verzochten hem de eerder gesloten overeenkomst, die met generaal Wayne gesloten was, te vernietigen. Zij stelden dat de Amerikanen geen grond van individuele stammen konden kopen, maar dat ze toestemming van alle indiaanse leiders moesten hebben. Harrison verwierp deze eisen. Tecumseh, leider van de indianenopstand, riep zijn strijders op de wapens op te nemen, maar door interventie van een bevriend stamhoofd werd dit voorkomen. Tecumseh waarschuwde Harrison echter wel dat hij zich aan zou sluiten bij de Britten, indien hij de overeenkomst niet ongeldig zou verklaren.
Teruggekeerd probeerde het stamhoofd de overige stammen te verenigen, om zo de Verenigde Staten aan te kunnen vallen. Terwijl hij nog aan het reizen was, kreeg Harrison toestemming om de confederatie aan te vallen, om zodoende vrede af te dwingen. Hoewel de verenigde indianenstammen de soldaten van Harrison in een hinderlaag lokten, werden ze kansloos verslagen.
Deze overwinning zou echter niet leiden tot een periode van vrede, want maanden na de slag diende zich de volgende oorlog aan. De Britten verklaarden de Amerikanen de oorlog in 1812. Harrison werd benoemd tot aanvoerder van de legers in Indiana. Enkele maanden later werd hij gepromoveerd tot opperbevelhebber van de noordwestelijke legers. In 1813 ging hij tot de aanval over en versloeg de indianen en Britten in Indiana en Ohio, veroverde Detroit terug en viel Canada binnen. Een jaar later werd Harrison echter gedegradeerd, doordat hij onenigheid had met de minister van Oorlog, John Armstrong. Dit deed William besluiten zich terug te trekken uit het leger. Zijn ontslag werd in de zomer van 1814 geaccepteerd. Nadat de oorlog beëindigd was, kwam er een officieel onderzoek naar deze gang van zaken, waaruit zou blijken dat Harrison onheus bejegend was. Hij werd in ere hersteld en ontving een medaille om zijn verdiensten in de oorlog te benadrukken.
Na de oorlog
Toen de oorlog was afgelopen, werd Harrison door president Madison aangesteld om de vredesonderhandelingen met de indiaanse stammen tot een goed einde te brengen. In 1816 werd hij gekozen in het Huis van Afgevaardigden, een functie die hij tot 1819 zou vervullen. Daarna kwam hij terecht in de senaat van de staat Ohio, omdat hij de strijd om het gouverneurschap had verloren. Na een mislukte poging in 1822 werd Harrison in 1824 weer verkozen in het Huis van Afgevaardigden. In 1828 verliet hij deze post om in het Amerikaans consulaat in Colombia te gaan werken. Deze functie zou hij tot 1829 bekleden. In de jaren daarna trok hij zich terug op zijn boerderij in North Bend in Ohio. Na bijna veertig jaar gewerkt te hebben in de overheid vond hij het genoeg en legde hij zich toe op de landbouw. Hij kon de politiek echter niet achter zich laten en in 1836 werd hij de kandidaat van de Republikeinen bij de presidentsverkiezing. Het plan van de partij was om verschillende kandidaten campagne te laten voeren in afzonderlijke regio’s, om zo de democratische opponent een hak te zetten. De Democraat Martin van Buren behaalde echter genoeg stemmen en werd zo de nieuwe president.
De verkiezing van 1840 zette Harrison opnieuw tegenover Van Buren. In tegenstelling tot vier jaar geleden schoof zijn partij nu wel een duidelijke kandidaat naar voren, in de persoon van Harrison. Zijn militaire verleden en de crisis in de economie zorgden ervoor dat hij andere leden van zijn partij voorbleef. Hoewel de Democraten alles deden om hem belachelijk te maken, won Harrison de verkiezingen en mocht hij zich de nieuwe president noemen.
Tijdens presidentschap
Op 4 maart 1841 werd Harrison beëdigd als de negende president van de Verenigde Staten. Hoewel het koud en nat was, droeg hij geen jas of hoed. Zijn twee uur durende speech en parade zouden ervoor zorgen dat zijn gezondheid aangetast werd. In zijn rede beloofde Harrison dat de nationale bank in ere hersteld werd om de economie er weer bovenop te helpen. De eerste weken van zijn presidentschap werden echter gekenmerkt door sociale gebeurtenissen zoals banketten en feesten. Dit zorgde ervoor dat hij in zijn periode in het Witte Huis welgeteld één officiële handeling verrichte. Hij riep op 11 maart het Congres bijeen om te stemmen over het heroprichten van de Bank of America. Op 17 maart stelde hij dat er een speciale bijeenkomst zou plaatsvinden vanaf 31 mei. Op 26 maart werd hij echter verkouden. Zijn toestand verergerde en hij kreeg een longontsteking. Door zijn drukke schema kon hij niet rusten. Zijn doctoren probeerden alles om hem te helpen, maar Harrison werd eerder zieker door deze pogingen en kreeg tevens hallucinaties. Negen dagen later stierf hij, waardoor hij de eerste president werd die tijdens uitvoering van het ambt stierf. Harrison was in totaal 31 dagen president van de Verenigde Staten, tot op de dag van vandaag de kortste regeerperiode van een president ooit.
Na presidentschap
Harrison werd in Cincinatti begraven, maar werd later verplaatst naar North Bend, waar een mausoleum voor hem opgericht was.
De dood van Harrison zorgde ervoor dat binnen een jaar drie presidenten aan de macht kwamen. Zijn onverwachte dood brachten fouten in de opvolging aan het licht. Het was niet duidelijk of de vicepresident waarnemend in functie zou komen of definitief. Uiteindelijk werd John Tyler, de vicepresident van Harrison, in 1842 beëdigd als nieuwe president.
Na zijn dood werd president William Henry Harrison geëerd met verschillende plaatsbenoemingen. Ook scholen en openbare gebouwen werden vernoemd naar de overleden president. Zijn politieke carrière werd overgenomen door zijn zoon John Scott en zijn kleinzoon Benjamin Harrison, die de geschiedenis in zou gaan als 23ste president van de Verenigde Staten.